© Bertus Webbink

Aalten/Vorden - 10 februari 2020 - De patrijs is bezig aan een ware revival in de Achterhoek. In een paar jaar tijd is het aantal broedparen in het gebied gegroeid naar bijna 150. Het aantal van deze weidevogels blijft maar stijgen en is vorig jaar opnieuw toegenomen.

Dat blijkt uit tellingen van de Vereniging Agrarisch Landschap Achterhoek (VALA). Vooral in het gebied rond Aalten leven veel patrijzen, nadat een werkgroep daar in 2013 mee aan de slag is gegaan.

Onder meer tientallen akkerranden zijn ingezaaid om een goede biotoop terug te krijgen voor de vogel en die aanpak werkt: bij het begin van project werden er slechts drie patrijzenpaartjes geteld, vijf jaar later was dit aantal al toegenomen naar rond de veertig.

Succes

Een enorm succes voor dit gebied, maar ook elders in de Achterhoek zijn vrijwilligers hard aan de slag met het opnieuw geschikt maken van voornamelijk akkerranden voor patrijzen. Dit gebeurt in onder meer Sinderen, Wehl, Montferland, Steenderen, Berkelland en Vorden.

© Gerrit Jansen

En ook daar zien ze het succes, zegt Wilfried Klein Gunnewiek van VALA. ,,In Vorden en omgeving hadden we in 2018 nog tien broedparen, in 2019 waren dat er veertien.” Een toename met bijna de helft.

Verdubbeling in Berkelland

In Berkelland is zelfs sprake van een verdubbeling, met 32 getelde broedparen in 2018. Volgens VALA kan dat niet los worden gezien van het enthousiasme onder boeren om zich in te zetten voor de terugkeer van de weidevogel: nu al 805 boeren werken in de Achterhoek samen om de terugkeer van de patrijs tot een succes te maken.

Sinds 2016 zaaien zij hun akkerranden in met een speciale mix van granen en kruiden. In totaal gaat het inmiddels om 680 hectare. De toegenomen ruigte zorgt zowel voor dekking voor patrijzen – voor bijvoorbeeld roofvogels en vossen – als een goede biotoop voor insecten die weer dienen als voedsel voor de vogels.

Ook zijn er de afgelopen jaren tweehonderd vrijwilligers opgeleid die de patrijzen kunnen tellen. ,,We willen natuurlijk weten of alle maatregelen effect hebben’’, zegt Klein Gunnewiek. ,,Daarom tellen we vijf keer per jaar om een zo waarheidsgetrouw mogelijk beeld te krijgen. En gelukkig zien we dat het werkt in de Achterhoek.’’

 

Bron: De Gelderlander.