29 maart 2016 - Het is weer raak. Letterlijk. Met het ingaan van de zomertijd is er steevast een piek te zien in het aantal aanrijdingen met wilde dieren. De meeste zijn direct dood, maar sommige strompelen weg, in veel gevallen een langzame dood tegemoet. Op landelijk niveau is er niets geregeld om deze dieren op te sporen en uit hun lijden te verlossen. Maar in Drenthe neemt onder meer jager Bjorn deze taak vrijwillig op zich.

24/7

Bjorn van der Veen staat dag en nacht klaar om samen met zijn teckel Woezel na een aanrijding op zoek te gaan naar het gewonde dier, in de meeste gevallen een ree. ,,Zo’n ree heeft na een aanrijding vaak inwendige bloedingen, of een gebroken kaak of poot”, zegt Van der Veen. „Het dier gaat in bijna alle gevallen dood. Met een gebroken kaak kan het niet meer kauwen, met gebroken poten niet meer lopen en dan zal het langzaam doodgaan. Veel mensen hebben geen idee, maar dierenwelzijn staat ook bij jagers voorop. Wij willen dieren niet zien lijden.”

MELDING

Zo’n veertig keer per jaar doet Van der Veen een zogenoemd nazoek. „Als er een aanrijding met een dier is geweest, zijn mensen verplicht dit te melden bij de meldkamer. Hier in Drenthe kennen de meesten mij wel, via via bereikt zo’n melding mij dan ook.”

Van der Veen uit bed bellen na een aanrijding, vindt hij geen punt en jachthond Woezel is klaarwakker bij de magische woorden ‘zoek zoek’. Strak in zijn tuigje met de neus als een magneet aan de grond leidt hij in 90 procent van de gevallen zijn baasje naar de plek waar het gewonde dier ligt te creperen.

„Soms ligt de ree een paar honderd meter verderop verscholen, maar ik vind ze ook wel eens vijf kilometer verderop.” Pas na toestemming van de provincie mag Van der Veen de ree dan, buiten het jachtseizoen, afschieten.

LANDELIJKE BELEID

In Drenthe bereiken volgens Van der Veen de meeste meldingen van aangereden wild hem of een paar andere jagers in de buurt wel, maar liever zou hij een landelijk waterdicht beleid zien.

„In bijvoorbeeld de provincie Groningen en rond de Veluwe heb je een speciale valwildregeling. Daar is een nazoekteam, bestaande uit jagers, die in verbinding staat met de meldkamer van de politie. Zodra er een melding binnenkomt van aangereden wild, hoort ook de jager die dienst heeft dat meteen. Dat werkt sneller en zo weet je zeker dat er nazoek wordt gedaan. Als elke provincie zo’n valwildregeling zou hebben, zou onnodig dierenleed voorkomen kunnen worden.”

CIJFERS

Uit cijfers van de Jagersvereniging blijkt dat er in 2013 zo’n 6300 aanrijdingen met groot wild werden gemeld bij de politie. Extra veel aanrijdingen vinden plaats na de omzetting van winter- naar zomertijd. Dan vallen de verplaatsingen van reeën, wilde zwijnen en herten precies samen met de ochtend- en avondspits in het verkeer. Jaarlijks steken jagers volgens de vereniging meer dan 350.000 uur in preventie van aanrijdingen en het opzoeken van gewonde, aangereden dieren.

 

Bron: Metronieuws